Marienglas  -  Selenit  
     
 

In elke gipsgroeve zijn randgebieden van Selenit aanwezig. Tegenwoordig wordt gips machinaal gedolven, waardoor er slechts in enkele gipsgroeven de mogelijkheid aanwezig is om Selenit te winnen.

 
     
 

De naam Marienglas ontstond  bij  de toepassing van een soort glasschijven (dunne  en splijtbare gipsplaten), die gebruikt werden als vervanger van glas voor het bewaren van relikwieën.

 
     
 

Kleine, glimmende brokstukjes Marienglas geven aan wandverven een bijzonder hoge reflectiewaarde. Door de bijzondere reinheid van Marienglas is het zelfs mogelijk om Marienglaspoeder in kalkverven te mengen zonder dat de gips bij buitentoepassing uitbloeit.

 
     
  In de “Edelsteentherapie “heeft Selenit de navolgende betekenis: activeert het geheugen, vergroot het bewustzijn.  
     
  Ingedeeld in de groep: sulfaat.  
       
  Kleur:
 

wit, kleurloos, door het bijmengen zijn ook alle andere kleuren mogelijk, in dat geval zijn ze veelal getint.

 
       
  Glans:

Glasglans, parelmoerglans ( gesplitte glasvlakken) zijdeglans, (vezelgips)

 
       
  Streek: wit  
       
  Kristalvorm:

monoklinisch-systeem, meestal prismavorming, ook wel langwerpig krom.

 
       
  Breuk: schelpachtig, onelastich  
       
  Splitbaarheid: uitstekend  
       
  Hardheid: 1,5 – 2,0  
       
  Verdichting: 2,2 – 2,4  
       
  Chemische formule: CaSo4.2H2O  
       
  Vormgeving:
 

stralende kristalaggregaat, gespleten stukken (Marienglas) doorschijnend  (Alabaster)

 
       
  Eigenschap:

 

zeer zacht, met de nagel in te kerven, in zuren bijna onoplosbaar, geeft bij verhitting kristalwater af, is harder dan talk, echter zachter dan calcit en aragonit

 
       
  Extra in formatie:

 

bekend als: Marienglas, Selenit, Gypsum, maansteen. De naam gips komt van het Griekse ( gypsos ... Gips); Selenit komt eveneens  van het Griekse (selene … maand)